5 kritische vragen aan Bram Adema, directeur van CFP Green Buildings

Bij elk van onze 7 thema’s stellen we een expert een aantal kritische, misschien zelfs wat ongemakkelijke vragen. Vragen die veel ondernemers ook hebben voordat ze aan de slag gaan met het betreffende thema. Deze keer: Bram Adema, oprichter en directeur van CFP Green Buildings, dat gebouwen en huizen helpt te verduurzamen.

Zolang oliegiganten blijven investeren in fossiele energie heeft het toch geen zin dat ik mijn pand isoleer?

Natuurlijk hebben grote multinationals een verantwoordelijkheid en moeten die zaken anders aanpakken. Maar het verduurzamen van vastgoed is een belangrijke quick win. In Nederland is vastgoed met zesendertig procent zelfs de grootste bron van CO2-uitstoot. We kunnen het energieverbruik van gebouwen in vijftien jaar halveren en in dertig jaar naar nul terugbrengen. Die oplossingen zijn al voorhanden. Dat kun je in de fossiele industrie wel vergeten.

Is de energietransitie niet eerder een taak voor de overheid?

Je ziet dat de overheid veel invloed kan hebben. Als zij een minimumeis stellen, komt de markt in beweging. Toen label C verplicht werd, wilden veel bedrijven daar boven zitten. Maar wachten tot de overheid iets verplicht stelt is financieel onverstandig. Domme ondernemers zie ik wachten, strategische ondernemers zetten duurzaamheid in voor bedrijfsgroei. Iedere aanleiding om iets aan je pand te doen, moet je aangrijpen om te voldoen aan de duurzaamheidseisen van de komende dertig jaar. Als je je dak moet repareren en het dan vijf jaar later gaat isoleren, betaal je twee keer. Je bent goedkoper uit als je dat in één investering meeneemt.

Wat we nu doen aan energiebesparing zet toch geen zoden aan de dijk? Kunnen we niet beter overstappen op kernenergie?

Je zou kunnen wachten op een nieuwe technologie die alles oplost. Ik zie drie veelbelovende alternatieven in kernenergie, waterstof en geothermie. Maar dat is geen reden om te wachten. De manier waarop we nu energie gebruiken, is heel inefficiënt. Dus wat je sowieso moet doen, is investeren in zuinige verlichting, apparaten, luchtkoeling en isolatie. Energie is schaars en ook als deze technologieën voorhanden zijn, kun je niet iedereen in een keer van schone energie voorzien. We moeten dus minder energie gaan gebruiken. Bovendien is wachten een risico, als de resultaten van die alternatieve bronnen tegenvallen.

In Nederland schijnt toch nooit voldoende zon om over te gaan op groene energie?

Het probleem is vooral dat Nederland weinig ruimte biedt voor zonneparken en grote windmolens. We worden vaak vergeleken met een land als Denemarken, maar eigenlijk is Nederland één grote stad, vergelijkbaar met Londen. Wind- en zonneparken op zee vormen voor Nederland een uitkomst, maar als stad moet je vooral zo min mogelijk energie gebruiken. Daarom moeten we juist hier inzetten op besparing.

Het produceren van windmolens en zonnecollectoren kost toch ook energie en grondstoffen? Weegt dat wel tegen elkaar op?

We hebben ons bij CFP suf gezocht naar een manier om een grachtenpand uit 1600 te vergelijken met een modern gebouw. Zo’n pand is amper geïsoleerd en in die zin niet duurzaam. Maar het staat er al wel meer dan vierhonderd jaar. We maken de duurzaamheid van een gebouw nu meetbaar door de gebruikte virgin materials op te tellen bij het restafval. Dat delen we door het aantal jaren dat het pand er staat. Slot Loevestein blijkt dan duurzamer dan The Edge, een nieuw en duurzaam kantoorgebouw. Het gaat erom dat je geen virgin materials gebruikt en geen afval produceert.

Meer over groene energie

Benieuwd naar alle events, projecten, succesverhalen en meer op het gebied van dit thema? Klik dan op de onderstaande knop.

Terug naar overzicht